Reguliere Deense varkensbedrijven mogen tijdelijk niet uitbreiden of nieuwbouwen, totdat de kaders voor de toekomst duidelijk zijn.
Reguliere Deense varkensbedrijven mogen tijdelijk niet uitbreiden of nieuwbouwen, totdat de kaders voor de toekomst duidelijk zijn. John Lamers

Denemarken bevriest nieuwbouw en uitbreiding reguliere varkensbedrijven

Sectoren - Veehouderij - Varkens

Volgens minister van Natuur en Dierenwelzijn, Christian Rabjerg Madsen, wil de regering toewerken naar een duurzamere varkenssector met een aanzienlijk hoger niveau van dierenwelzijn. ‘Dit vereist dat we dingen anders doen dan nu’, zegt de minister.

‘Daarom maakt de overheid nu tijdelijk een einde aan de oprichting en uitbreiding van bestaande conventionele varkensbedrijven’, aldus de minister. ‘Eerst moet er duidelijkheid zijn over het kader waarbinnen de toekomstige varkensproductie kan opereren.’

Met de tijdelijke maatregel wil de overheid voorkomen dat ondernemers investeren in nieuwe stallen of uitbreidingen die mogelijk niet aansluiten bij de toekomstige visie op de Deense varkenshouderij. ‘De Denen hebben de regering hiertoe bij de verkiezingen een duidelijk mandaat gegeven’, stelt Madsen. ‘Een sterke landbouw is nog steeds belangrijk, maar we moeten op de pauzeknop drukken en samen uitzoeken hoe we de productie het beste organiseren.’

Uitzonderingen op bouwstop

Hoewel uitbreiding van de productiecapaciteit voorlopig niet mogelijk is, kunnen varkenshouders nog wel toestemming krijgen voor bouw- of verbouwprojecten. Voorwaarde is dat deze bijdragen aan verbeteringen op het gebied van dierenwelzijn, klimaat of milieu. Daarbij geldt wel dat de productieomvang niet mag toenemen.

De tijdelijke bouwstop stuit op stevige kritiek van de Deense Landbouw- en Voedselraad. Volgens voorzitter van de varkenssector, Hans Christian Gæmelke, brengt de maatregel veel onzekerheid met zich mee voor ondernemers.

Gæmelke benadrukt dat de sector wel deelneemt aan het overleg tussen overheid, landbouworganisaties, natuur- en dierenwelzijnsorganisaties en sociale partners over de toekomstige inrichting van de varkenshouderij. Volgens hem heeft de sector echter niet ingestemd met een afbouw van de productie. ‘We weten niet wanneer de kaders voor de varkenshouderij klaar zijn en hoe deze eruit gaan zien.’

‘Juist investeringen nodig’

Volgens de sectorvoorzitter staat de maatregel bovendien op gespannen voet met de ambitie van de overheid om het dierenwelzijn te verbeteren. Nieuwe welzijnseisen vragen volgens hem juist om investeringen in aangepaste huisvesting.

‘Als er vrijloop komt voor de zeugen in het kraamhok en alle varkens meer ruimte krijgen, zijn er uiteraard meer vierkante meters nodig. Een stop op nieuwe en grotere stallen zal de huidige productie behouden, in plaats van dat er stappen worden gezet die het dierenwelzijn verhogen.’

Invloed op financiering

De raad verwacht dat de bouwstop directe gevolgen heeft voor geplande investeringen. Door de onduidelijkheid over toekomstige regelgeving zouden financiers terughoudend kunnen worden met het verstrekken van leningen.

Volgens hem raken de gevolgen niet alleen individuele varkenshouders, maar ook bedrijven in de toelevering, slachterijen en andere ondernemingen die afhankelijk zijn van de varkenssector.