
‘Voerrobot verdient rapper dan melkrobot’
Sectoren - Veehouderij - MelkveeFabrikanten verwachten dat de voerrobot net zo gangbaar wordt als de melkrobot. Toen die laatste werd geïntroduceerd, bleef de verkoop lang beperkt. Maar opeens was er een piek. ‘Boeren kregen vertrouwen. Zo zal het ook gaan met de voerrobot’, verwacht Ludo Bols van Delaval. Het bedrijf heeft wereldwijd achthonderd Optimat-robots geïnstalleerd, vooral in Noorwegen en Zweden. Nederland blijft wat achter, met twintig Delaval-robots.
Een partij als GEA installeerde sinds 2022 zo’n tien voersystemen met de Dairyfeed F4500-voerrobot. Van de Deense voorganger Skiold Mullerup draaien er zo’n dertig in Nederland. Bols: ‘In België is ook veel interesse, mede door de VLIF-subsidie voor jonge boeren tot 60 procent.’
De afzet van de Lely Vector-voerrobot gaat ook voorspoedig. ‘Er draaien nu ruim driehonderd systemen in Nederland. Sommige met twee robots op één voerkeuken’, vertelt Jesse Brink van Lely. Hij trekt ook een parallel met robotmelken. ‘Wij voeren veertien jaar na de introductie van de Vector-voerrobot hetzelfde aantal koeien als we veertien jaar na de komst van de Astronaut-melkrobot molken.’
Tekst gaat verder onder kader.Thema Voeren
Om te zorgen voor goede voeding voor mens en dier, is het de kunst om het rendement in het oog te houden. Automatisch voeren kan hieraan bijdragen, net als een goede voederwinning. Dat laatste kent dit jaar uitdagingen vanwege de droge zomer. In het thema Voeren van Nieuwe Oogst is verder aandacht voor het gezond en productief houden van runderen en legkippen, zodat de ondernemer plezierig werkt, zonder op eieren te hoeven lopen.
Een voerrobot betekent met kostprijzen tussen 2,5 en 4 ton meestal een flinke investering. De prijs is afhankelijk van de grootte van de voerkeuken, het aantal voorraadbakken en of daarvoor een nieuwe schuur nodig is. Tegelijk kost een trekker met voerwagen en shovel ook flink geld, ondanks dat deze breder inzetbaar is. De dieselkosten zijn daarbij hoger dan het stroomverbruik van de voerrobots.
Bols: ‘Ik durf te stellen dat de terugverdientijd van een voerrobot korter is dan van een melkrobot. Er zijn veel meer voordelen dan alleen arbeid. Denk aan koegezondheid, rust, minder restvoer, minder energieverbruik en de melkwinst uit hetzelfde voer met daarbovenop meer melk door de hogere voeropname.’
Met een voerrobot kun je vaak en precies voeren met veel bijproducten. Behalve gras, mais en natte bijproducten gaan ook mineralen, bicarbonaat, brok en toegevoegd water de robot in. In de bediening zijn de laadvolgorde, hoeveelheden en mengtijden eindeloos te fine-tunen. Fabrikanten verbeterden de digitale koppeling met de voerrobot. Hij is online te bedienen of via een app. Zet je bijvoorbeeld een koe droog via de melkrobot, dat weet de voerrobot dat ook.
Tien keer per dag voeren
Voerrobots hebben een capaciteit tot vaak vierhonderd koeien of 20 ton per dag. Ze kunnen tien keer per dag voeren en nog vaker aanschuiven. Constant worden de koeien naar het voerhek gelokt. Kleine porties tot 150 kilo zijn te mengen voor jongvee en droge koeien die makkelijker zouden opstarten zonder ketosegevallen. Zeker in stallen met weinig voerhek, heerst meer rust.
De eerste robots van dertig jaar geleden lieten zich vullen vanuit stortbakken en gingen hangend aan een rail door de stal. Daarvoor moest de stal flink worden verbouwd. Geleidelijk vervingen accu’s de stroomkabels en verdween uiteindelijk de gehele rail. Zowel Lely, Trioliet, Wasserbauer/Boumatic, GEA en Delaval met zijn door Lucas G gemaakte voerkar, rijden nu autonoom.
Verschil is dat sommigen nog transponders, magneten en inductiedraden in de betonvloer gebruiken en anderen navigeren op Lidar en gps. Slechts een stappenwiel of reflector dient dan als referentie van de positie. Dat scheelt installatiekosten.
Behalve losgestort in stortbakken met risico op broei, is het voer ook in blokvorm klaar te zetten met vlakke bakken met bodemkettingen. Daarop worden de blokken langzaam naar een frees geleid. Lely kan met zijn grijper voer van blokken op de vloer pakken en zo veel voersoorten geven. Ook Lely heeft nu doseerbakken met ‘walking floor’ om blokken te voeren.
De eerste robots die zelf het voer uit de sleufsilo halen, zijn inmiddels praktijkrijp. Sinds 2006 werkte Schuitemaker er al aan met zijn Innovado-voerrobot. Maar hij stopte ermee in 2022. Ook Peecon en Wasserbauer experimenteerden met systemen. Lastig was de veiligheid rondom het autonoom rijden tot in de sleufsilo en het vermogen dat uitkuilen vraagt.
Door RTK-gps, Lidar, Odometrie en duidelijkere regelgeving zijn er toch stappen gezet. Het Israëlische RMH toonde op een beurs in Frankrijk de elektrische Nexus-robot, die het voer zelf uit de kuil haalt. En het Poolse Euromilk kondigde vorig jaar al zijn Falcon-voerrobot aan.
Voerrobot met keuken
Op de AgroTechniek Holland in het Flevolandse Biddinghuizen was de Aura-voerrobot van Kuhn te zien. ‘Deze robot uit Frankrijk draait op 45 bedrijven’, vertelt Huub Kolkman, verkoper bij importeur Reesink. Met een aanschafprijs van zo’n 3,5 ton blijkt het niet meer dan een voerrobot met keuken.
Dat lijkt een voordeel. De veehouder moet alleen het kuilplastic wegtrekken. ‘In plaats van de vele elektrische aandrijvingen, heeft de Aura een eigen dieselmotor. Dus is er kracht genoeg.’
Met de kleine 60 centimeter brede frees met sideshift is 1,80 meter breed de kuil uit te halen. De capaciteit wordt geschat op zo’n 18 ton voer per dag. ‘Er is veel interesse van geitenhouders die heel secuur en precies willen voeren. Met zo’n robot kan dat.’
Volg de laatste ontwikkelingen rondom robotisering op onze overzichtspagina en bekijk alles wat we schreven over innovatie landbouwtechnieken op nieuweoogst.nl/smartfarming