
Taakkaarten maken variabele toepassingen eenvoudiger voor akkerbouwer
Sectoren - Gewas - Akkerbouw Smart farmingWijnen heeft een akkerbouwbedrijf in het Brabantse Hoeven. Hij is een van de zes akkerbouwers die met enkele praktijkpercelen meedraait in het project Bodem in Kaart. Binnen dit project wordt getest met variabel zaaien en poten, bemesten en bespuitingen uitvoeren met behulp van taakkaarten.
Naast akkerbouwer is Wijnen ook werkzaam als technisch adviseur bij Soil-Data. Dit bedrijf is gespecialiseerd in het in kaart brengen van percelen aan de hand van gegevens over de ontwikkeling van biomassa of bodemeigenschappen als kleigehalte of organischestofgehalte.
Soil-Data is samen met Delphy, Eurofins, Wageningen University & Research en FarmMaps betrokken bij Bodem in Kaart. Het project is begin dit jaar gestart en heeft een looptijd van anderhalf jaar. Onlangs werd bij Wijnen een bijeenkomst gehouden om uitleg te geven over het maken en het toepassen van bodem- en taakkaarten.
‘Wij zijn nu in staat om satellietbeelden om te zetten in taakkaarten. Het uitgangspunt is dat elke akkerbouwer hiermee eenvoudig of meer geavanceerd een variabele bewerking kan uitvoeren’, legt Wijnen uit. Hij benadrukt dat deze vorm van precisielandbouw niet alleen bedoeld is voor de voorlopers, maar ook voor het peloton.
Eenvoudig toepassen
‘Zelf zit ik midden in dat peloton. Ik pas de taakkaart toe op een eenvoudige spuitmachine waarmee ik over de volle werkbreedte handmatig de afgifte met 10 of 20 procent kan afschalen of bijplussen. Met mijn telefoon of tablet in de trekker zie ik waar ik rij en welke dosering ik moet spuiten. Maar mijn buurman kan de taakkaart inlezen in zijn spuitcomputer voor een automatische en meer precieze toepassing.’
Soil-Data houdt zich bezig met het technische aspect van het verwerken van satellietbeelden en van de vastgelegde data. De beoordeling van de teelttechnische impact van de variatie op de percelen komt in het project voor rekening van onder meer Eurofins en Delphy.
‘Delphy adviseert hoe wij de verschillen op perceelniveau kunnen vertalen in plaatsspecifieke toepassingen. Je kunt dan denken aan ruimere pootafstanden voor aardappelen op lichtere grond. Hetzelfde kan ook gelden voor zaaizaadhoeveelheden bij granen of groenbemesters’, zegt Wijnen.
Op zijn bedrijf kregen de bezoekers voorbeelden te zien van variabele toepassingen. Zo reden enkele spuitmachines rond en waren twee zaaimachines aanwezig, ingericht op plaatsspecifieke verdeling. Aandachtstrekker was een grote drone die kan worden ingezet voor zowel een variabele bespuiting als voor variabele inzaai.